Direct ingaandUitgestelde koopsomOfferte aanvragenOverige informatiewie zijn wijcontact

Stamrecht-BV versus verzekeren Stamrecht-BV

Een stamrecht-BV is een BV waarin een loondervings- of ook wel gouden handdrukstamrecht is ondergebracht. Dit stamrecht is als schadeloosstelling verkregen ter zake van het beëindigen van een dienstverband. In deze BV wordt geen materiële onderneming gedreven. Een stamrecht-BV treedt in dit kader in feite niet anders op dan een professionele verzekeringsmaatschappij. Hierna worden de voor- en nadelen van de keuze voor verzekeren bij een stamrecht-BV dan wel een professionele verzekeringsmaatschappij uiteengezet.

Vennootschapsbelasting
De stamrecht-BV is onderworpen aan de heffing van vennootschapsbelasting. Dit betekent dat de fiscale winst van deze BV op eenzelfde wijze wordt belast als dit voor andere belastingplichtigen voor de vennootschapsbelasting geldt. Dit brengt met zich mee dat zowel de winst ten gevolge van het overlijden van de stamrechtgerechtigde (vrijvalwinst) als de beleggingsresultaten in de winstberekening zullen worden betrokken. Daarentegen is de stijging van de verplichting (oprenting) aftrekbaar voor de heffing van vennootschapsbelasting. Als een gouden handdrukverzekering bij een professionele verzekeringsmaatschappij wordt gesloten, komt de heffing van vennootschapsbelasting niet in beeld bij de stamrechtgerechtigde.

Inkomstenbelasting
De stamrechttermijnen worden in beide situaties bij de gerechtigde in de inkomstenbelastingheffing betrokken.

Kapitaalverlies
Bij voortijdig overlijden van de stamrechtgerechtigde is in het verleden het voorkomen van 'kapitaalverlies' als voordeel van de stamrecht-BV aangegeven. Bij overlijden valt immers de stamrechtverplichting in de winst van de BV. Derhalve treedt geen kapitaalverlies op aangezien de aandelen van de BV vererven.

Is het stamrecht verzekerd bij een professionele verzekeraar dan zou er sprake kunnen zijn van 'kapitaalverlies' indien de stamrechtgerechtigde(n) betrekkelijk kort na de ingangsdatum van de uitkeringen komt (komen) te overlijden. Met het overlijden van de gerechtigde wordt de stamrechtverzekering namelijk beëindigd. Een verzekeraar kent echter eveneens de mogelijkheid om door middel van een zogenaamde 'contradekking' op adequate wijze 'kapitaalverlies' te voorkomen. Deze contradekking bestaat uit een kapitaalverzekering (ook wel overlijdensrisicoverzekering genoemd) die wordt gesloten door de beoogde erfgenamen (doorgaans de kinderen) en keert uit bij overlijden van de gerechtigden. Een groot voordeel van de contraverzekering is dat deze vrij van successierecht kan worden genoten indien de erfgenamen zelf de premies zijn verschuldigd. Naast het voorkomen van kapitaalverlies kent de contraverzekering derhalve ook een successierechtelijk voordeel. Dit laatste voordeel kan een argument zijn om de in eigen beheer gehouden aanspraak te gaan verzekeren bij een professionele verzekeraar. Een contraverzekering kan ook bij de stamrecht-BV worden gesloten. Echter, deze verzekering wordt fiscaalrechtelijk gezien als een ter beschikkingstelling van vermogen aan een verbonden lichaam. Concreet betekent dit dat een eventuele uitkering uit de verzekering progressief belast is in box 1. Uit berekeningen blijkt dat het in voorkomende gevallen fiscaal en financieel aantrekkelijker is om een (losse) overlijdensrisicoverzekering te sluiten bij een professionele verzekeringsmaatschappij.
Als de contraverzekering bij een professionele verzekeringsmaatschappij is verzekerd, valt deze voor de heffing van inkomstenbelasting onder de vermogensrendementsheffing van box 3. Uitgangspunt bij de vermogensrendementsheffing is de waarde van de verzekering in het economisch verkeer. Deze wordt bij verzekeringen gesteld op de afkoopwaarde. Is er sprake van een premiebetalende contraverzekering dan is er geen afkoopwaarde en daarmee dan ook geen vermogensrendementsheffing. Bij een overlijdensrisicoverzekering tegen koopsom is er daarentegen wel een afkoopwaarde. Die waarde moet worden opgegeven in de aangifte voor de box 3-heffing.

Langlevenrisico
In het voorgaande is uitgegaan van de situatie, dat de stamrechtgerechtigde eerder komt te overlijden dan statistisch te verwachten is. Het kan zich echter ook voordoen dat de stamrechtgerechtigde (voor een levenslang stamrecht) langer, of zelfs véél langer, leeft. Dit brengt het risico met zich, dat de stamrecht-BV te eniger tijd niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen. Een dergelijk risico is bij een verzekerde aanspraak uitgesloten. Als bij Nationale-Nederlanden een levenslange uitkering is aangekocht, zal Nationale-Nederlanden aan deze levenslange verplichting moeten voldoen en derhalve blijven uitkeren.

Rendement
Als de stamrechtverplichting in eigen beheer wordt uitgevoerd, zal er voldoende rendement moeten worden gemaakt om blijvend aan de verplichting te kunnen voldoen. Voldoet het over het beschikbare vermogen te behalen rendement aan de bij aanvang van de termijnen gestelde verwachtingen, dan is de geplande reeks van stamrechttermijnen in beginsel verzekerd (langlevenrisico daargelaten). Blijft dit rendement echter achter bij de verwachtingen, dan zal het duidelijk zijn dat de geplande reeks niet volledig kan worden uitgekeerd. Bij een professionele verzekeraar staat het te verwachten rendement in een gouden handdrukverzekering bij voorbaat (grotendeels) vast.

Kosten
Het kiezen voor een stamrecht-BV leidt tot een jaarlijks terugkomende administratieve last. Dit resulteert in een jaarlijkse kostenpost. Gedacht moet worden aan bijvoorbeeld accountantskosten en kosten voor beleggingsadviezen. Ook een verzekeraar maakt kosten. Zeker bij relatief geringe gouden handdrukstamrechten zullen deze kosten echter lager zijn in vergelijking met de situatie dat het stamrecht in eigen beheer wordt uitgevoerd. Hoewel een grens in zijn algemeenheid niet valt te geven, wordt in de praktijk wel beweerd dat een gouden handdrukstamrecht in eigen beheer – puur vanuit de kosten bezien – interessant kan worden vanaf een bedrag van circa € 80.000.

Heffing van successierecht voor aanmerkelijk belang aandeelhouders Het oprichten van een afzonderlijk lichaam, zoals een stamrecht-BV, heeft vaak tot doel het kapitaal dat vrijvalt bij vroegtijdig overlijden van de gerechtigden op de erfgenamen te doen overgaan. Om dit te bereiken worden de aandelen van deze BV bij de erfgenamen geplaatst. Bij een vroegtijdig overlijden van de gerechtigde(n) wordt de waarde van de aandelen ten gevolge van de vrijval in de BV belast met successierecht, indien de aandeelhouders aanmerkelijk belang aandeelhouders zijn. Een aandeelhouder heeft een aanmerkelijk belang indien hij (al dan niet tezamen met zijn partner) onmiddellijk of middellijk aandeelhouder is van ten minste 5% van het geplaatste aandelenkapitaal. Tevens is een meetrekregeling van toepassing. De meetrekregeling houdt in dat bloed- en aanverwanten in de rechte lijn die in dezelfde vennootschap aandelen bezitten, eveneens als aanmerkelijk belang aandeelhouder worden aangemerkt. Sinds 1 maart 2003 wordt uitsluitend successierecht geheven over de waardestijging van de aandelen als gevolg van het overlijden van de erflater (sterftewinst) als de aandelen worden gehouden door:
- de echtgenoot of partner
- iemand die behoort tot zijn bloed- of aanverwanten tot en met de vierde graad of hun echtgenoten.

Vanzelfsprekend speelt het bovenstaande geen rol indien de aanspraak bij een professionele verzekeraar is ondergebracht.

(bron NN)